Meer informatie over de oprichters van Mulholland Pictures.

Ate de Jong

Ate de Jong werd in 1953 geboren, in Zeeuws Vlaanderen. Van 1970 tot 1974 studeerde hij aan de Filmacademie in Amsterdam. Tussen 1976 en 1986 regisseerde Ate zes speelfilms in Nederland, waaronder Brandende Liefde, Een Vlucht Regenwulpen, en In de Schaduw van de Overwinning. In deze laatste twee films speelde Jeroen Krabbé de hoofdrol.

In 1986 vertrok Ate de Jong naar Hollywood waar hij na een aflevering van Miami Vice en twee speelfilms regisseerde: Highway to Hell en Drop Dead Fred. Ate woont sinds acht jaar in London en regisseerde sindsdien onder andere de Europese co-productie All Men Are Mortal, gebaseerd op het boek van Simone de Beauvoir.

Hij produceerde Left Luggage en The Discovery of Heaven, en produceerde en regisseerde de sexy thriller Fogbound. Sinds februari 2005 is Ate de Jong de enige eigenaar van Mulholland Pictures.


Edwin de Vries

In 1972 deed Edwin de Vries (1950) eindexamen aan de toneelschool in Amsterdam. Hij was als acteur en regisseur werkzaam bij de toneelgezelschappen Onafhankelijk Toneel, Baal, Toneelgroep Amsterdam en het Nationaal Toneel. Met Jeroen Krabbé speelde hij in In de Schaduw van de Overwinning van regisseur Ate de Jong, met wie hij samen het script schreef.

Verder speelde hij onder meer in Golven van Annet Apon, in Een Maand Later (mede geschreven door Ate de Jong), Aletta Jacobs van Nouchka van Brakel, in Jan Rap en zijn Maat van Ine Schenkkan, Leedvermaak van Frans Weisz, de Harry Mulisch- boekverfilming Hoogste Tijd, en in Hofmann's Honger, gebaseerd op het boek van Leon de Winter.

Hij schreef scenario's voor de televisieseries Reagan, Ons soort Mensen, Pril Geluk, In de Vlaamse Pot en Mijn Dochter en Ik. In deze laatste twee series speelde Edwin zelf ook de hoofdrol. Ook schreef hij het scenario voor Left Luggage (1998), naar een boek van Carl Friedman. Voor de productie The Discovery of Heaven nam Edwin de Vries de taak op zich om de monumentale roman De Ontdekking van de Hemel, geschreven door Harry Mulisch, te bewerken als filmscript. Het leverde hem onder meer een Gouden Kalf van het Nederlands Filmfestival op voor Beste Scenarioprestatie.

Recent speelde Edwin voor de tweede maal zijn rol als Hans in de film Qui Vive (het vervolg op Leedvermaak) van Frans Weisz, en was hij te zien in de theaterproducties Art (met Paul de Leeuw en Hans Kesting) en Wie is er bang voor Virginia Woolf? Voor deze laatste productie ontving Edwin in mei 2002 de Louis d'Or, de hoogste Nederlandse toneelonderscheiding voor een acteur.

Jeroen Krabbé

Jeroen Krabbé (1944) kreeg grote bekendheid door zijn rollen in de films van Paul Verhoeven, als in Soldaat van Oranje (1977), de cult- thriller De Vierde Man (1979) en Een Vlucht Regenwulpen (1981) van Ate de Jong.

Sindsdien heeft Jeroen belangrijke rollen gespeeld in vele internationale films, o.a. in Jumpin' Jack Flash van Penny Marshall, The Fugitive met Harrison Ford, No Mercy van Richard Pierce en de James Bondfilm The Living Daylights van John Glenn.

Naast zijn talrijke optredens in speelfilms heeft Jeroen Krabbé ook in tientallen TV- series en theaterstukken geacteerd. Kennis van filmtechniek vergaarde hij op vele internationale filmsets. Het visuele aspect is hem praktisch aangeboren, omdat hij een derde generatie kunstschilder is. De stap naar filmregie kan dan ook gezien worden als een natuurlijke ontwikkeling in Jeroens carrière.

Na het succesvolle Left Luggage (1998), is The Discovery of Heaven (2001) de tweede speelfilm die hij regisseerde.









Soldaat van Oranje
Click to enlarge


Jeroen, Ate en Maarten 't Hart op de set van Een Vlucht Regenwulpen
Click to enlarge


Ate de Jong aan de Filmacademie
Click to enlarge


Edwin, Jeroen en Ate tijdens de persconferentie van The Discovery of Heaven
Click to enlarge


Jeroen en Steven Spielberg
Click to enlarge


Jeroen op de set van The Living Daylights
Click to enlarge


Op de set van No Mercy, met Richard Gere
Click to enlarge